header
 

Working Equitation proeven vanaf 1 april 2018

Introductieklasse dressuur | voorbeeld parcours stijltrail
WE1 Beginners: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail
WE2 Lichte klasse: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk (optioneel)
WE3 Gevorderden klasse: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk
WE4 Masters (ongewijzigd): dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk


Per 1 april 2018 gelden, vooruitlopend op vernieuwing van het hele regelboek, nieuwe regels voor toegestane optoming per klasse!

Überstreichen
uberstreichen met de binnenhand In de nieuwe proeven wordt in de klasses WE1 en WE2 überstreichen met de binnenhand gevraagd, in de WE3 met beide handen. Hieronder staat uitgelegd wat daarmee bedoeld wordt (bron). Op de foto tonen Patrick Molenaar en Salto het überstreichen met de binnenhand.

Definitie halsstrekken
De definitie van halsstrekken volgens de KNHS luidt als volgt: Bij halsstrekken staat de ruiter het paard toe om hoofd en hals geleidelijk naar voren en beneden te brengen, tot ongeveer boeg- en kniehoogte, met het hoofd voor de loodlijn. Het paard volgt de hand van de ruiter.

Definitie überstreichen
Bij überstreichen onderbreekt de ruiter de aanleuning door beide handen langs de manenkam naar voren te steken. De takt, het tempo en de houding van het paard dienen enkele passen ongewijzigd te blijven. Vervolgens neemt de ruiter de aanleuning weer terug.

Het verschil tussen halsstrekken en überstreichen
Het grote verschil tussen halsstrekken en überstreichen is de aanleuning en de houding van het paard. Bij halsstrekken dien je contact te houden met de mond van het paard, terwijl je bij überstreichen juist het contact verbreekt. Tegelijkertijd is er wel een overeenkomst, namelijk dat je je handen naar voren brengt. Het is dus van groot belang dat je je paard ook het verschil aanleert, anders heb je straks een halsstrekkend paard bij het überstreichen.

Als het paard de hand moet volgen, bijvoorbeeld bij een overgang, wending of halsstrekken, geef je dat aan met een halve ophouding ondersteund met een beenhulp. Zo weet het paard dat als je een halve ophouding en beenhulp geeft dat er iets komt waarbij hij de hand dient te volgen. Dit is iets wat consequent geoefend en toegepast dient te worden.

Working Equitation proeven t/m 31 maart 2018

Introductieklasse dressuur | voorbeeld parcours stijltrail
WE1 Beginners: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail
WE2 Lichte klasse: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk (optioneel)
WE3 Gevorderden klasse: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk
WE4 Masters: dressuur | voorbeeld parcours stijltrail | speedtrail | runderwerk

Dressage tests in English: Introduction, WE1, WE2, WE3, WE4
Die Dressuraufgaben auf Deutsch: Einsteiger; WE1, WE2, WE3, WE4.

Als je voor de wedstrijd de staart van je paard wilt opbinden in een vaquero knot, dan kan je hier zien hoe dat moet.

Rundercertificaat
Om deel te kunnen nemen aan het runderwerk op (erkende) WE wedstrijden dient de ruiter in het bezit te zijn van het WEH rundercertificaat. Het certificaat zal worden uitgereikt aan iedereen die heeft bewezen veilig, diervriendelijk, respectvol en correct met koeien te kunnen werken en is geldig zolang de ruiter lid is van WEH. Behalen van dit certificaat kan uitsluitend door deel te nemen aan clinics waar aan koeientraining wordt gedaan. Echter wel bij een WEH-erkende instructeur. Het is aan de instructeur een certificaat te verstrekken of verdere training te adviseren. De instructeur adviseert de vereniging en zij verstrekken het certificaat. Volgt u een clinic bij iemand van buitenaf, vraag dan (liefst vooraf) of deze clinic en/of instructeur in aanmerking komt voor het rundercertificaat.